Naar inhoud

1. Officiële Belgische schaal ter bepaling van graad van invaliditeit

De officiële Belgische schaal ter bepaling van de graad van invaliditeit is bestemd om, krachtens de wettelijke beschikkingen welke er de toepassingen van bekrachtigen, als schattingsbasis te dienen voor de door tussenkomst van de Gerechtelijke Geneeskundige Dienst uitgevoerde medische expertises.

Deze schaal is, al naargelang zij een welbepaald percentage oplegt of een marge bij de raming toelaat, imperatief of indicatief. In laatstgenoemd geval is zij imperatief voor wat de voorziening minima-maxima percentages betreft. De opgenomen gegevens hebben tot enig doel de lezer een richting aan te duiden.

Inleiding

  1. Het schatten van de blijvende invaliditeit vereist enerzijds de definitieve stabiliteit van de letsels en anderzijds een wetenschappelijk verantwoorde correlatie tussen de functionele afwijkingen en de anatomische letsels van het oog en de adnexae. Hieruit volgt dat de schatting van de invaliditeit zal uitgesteld worden, ofwel slechts ten voorlopige titel zal gebeuren, zolang de letsels nog evolueren (vb. Storing van de oogdruk, cataract, retinaloslating, vitreumbloeding, enz.), of als de patiënt functionele stoornissen vertoont zonder objectief waarneembare veranderingen.
  2. Voor de schatting van de invaliditeit moet de expert enkel rekening houden met medische factoren, met uitsluiting van elke andere factor (leeftijd, beroepseisen, elementen van sociale, economische of ecologische aard, enz.).
  3. De esthetische schade wordt gewoonlijk geschat met een gradatie (onbeduidend, zeer licht, licht, middelmatig, belangrijk, zeer belangrijk, afzichtelijk). De invaliditeitspercentages die hieronder zijn vastgelegd, houden rekening met de esthetische schade van de oogbol zelf of van de adnexae. Dit zal vermeld worden bij de schatting van het invaliditeitspercentage.
  4. Als er verschillende letsels aan het oog bestaan, mag de cumul van de invaliditeitspercentages voorzien voor de fundamentele letsels niet overschrijden. (vb Art. 724 tot 727).